Schakel of automaat: het is een van de eerste keuzes voordat je begint. Het verschil zit niet alleen in de les, maar vooral in wat er straks op je rijbewijs staat. Lees wat elke keuze betekent en check met vijf vragen welke bij jou past.
Wat is het verschil?
In een schakelauto bedien je zelf de koppeling en kies je elke versnelling. Een automaat doet dat voor je: je hebt alleen een gas- en een rempedaal, en met de pook zet je de auto op rijden (D), achteruit (R), neutraal (N) of parkeren (P).
Schakel: alles leren, overal rijden
Koppeling, schakelen en tegelijk op het verkeer letten vraagt in het begin wat meer van je, en meestal een paar lessen extra. Daar krijg je iets voor terug: met een schakelrijbewijs mag je in elke auto rijden, ook in een automaat. Handig als je later de auto van je ouders leent, een huurauto neemt of voor je werk in een bestelbus moet rijden.
Automaat: rust in de les, code 78 op je rijbewijs
Zonder koppeling en versnellingen heb je je handen vrij en je hoofd leeg voor wat er op straat gebeurt. Veel leerlingen leren daardoor sneller en met minder stress. Doe je examen in een automaat, dan komt code 78 op je rijbewijs en mag je alleen in automaten rijden. Dat is steeds minder een beperking: in 2010 was nog vier van de vijf nieuwe auto's handgeschakeld, in 2020 was meer dan de helft een automaat. Elektrische auto's zijn het altijd.
Later toch schakelen? Zo werkt het
Heb je een automaatrijbewijs en wil je toch in een schakelauto rijden? Dan vul je bij het CBR een nieuwe gezondheidsverklaring in en doe je opnieuw praktijkexamen, nu in een schakelauto. Je theorie hoef je niet over te doen; je laat de examinator alleen je huidige rijbewijs zien. Geslaagd? Dan vraag je bij de gemeente een nieuw rijbewijs aan, en zodra je dat hebt, mag je in elke auto rijden. Zak je, dan blijft je automaatrijbewijs gewoon geldig.
Welke past bij jou?
Vijf korte vragen, en je ziet meteen ons advies. Opnieuw beginnen kan altijd.
Ons advies
Schakel past waarschijnlijk het beste bij je
Automaat past waarschijnlijk het beste bij je
Beide kunnen prima
Je houdt alle opties open: met een schakelrijbewijs mag je in elke auto rijden. Het kost meestal een paar lessen extra, maar daarna hoef je nooit meer terug.
Je leert sneller en met meer rust, omdat je je volledig op het verkeer kunt richten. Let op: je rijbewijs geldt dan alleen voor automaten.
Er is geen duidelijke winnaar. Bespreek het in je eerste les met je instructrice; dan kies je op basis van hoe het je afgaat.