Iemand met werkhandschoenen giet nieuwe motorolie in de motor van een auto met open motorkap
Beeld: via Daniel Andraski

Je hoeft geen monteur te zijn om je auto in orde te houden. Een paar minuten per maand bij de pomp, en op tijd naar de garage, scheelt pech langs de weg en dure reparaties. Hier staat per onderdeel wat je zelf doet en wat de garage doet.

Motorolie

Olie smeert en koelt de motor. Te weinig olie is een van de duurste dingen die je kunt laten gebeuren, en het is een van de makkelijkste dingen om zelf te checken.

Peil de olie op een vlakke ondergrond, met een koude motor die minstens een kwartier heeft stilgestaan. Trek de peilstok eruit, veeg hem schoon, steek hem terug en haal hem er opnieuw uit: het niveau moet tussen de streepjes voor minimum en maximum staan.

  • Welke olie Welke olie in jouw motor hoort, staat in het instructieboekje van de auto. Vraag het anders even bij de garage; de verkeerde olie is niet onschuldig.
  • Neem een liter mee Leg op een lange rit een liter van de juiste olie in de kofferbak. Dan kun je onderweg bijvullen in plaats van stil te staan.
  • Verversen doet de garage Bij de kleine beurt ververst de monteur de olie en vervangt hij het filter. Wanneer dat moet, hangt af van je auto: veel moderne auto's geven zelf aan wanneer onderhoud nodig is.
  • Let op het lampje Gaat het oliedruklampje branden tijdens het rijden, stop dan zo snel als het veilig kan en bel voor hulp. Doorrijden kan de motor kapotmaken.

Banden

Je banden zijn het enige contact met de weg: vier stukjes rubber, elk zo groot als een A4'tje. Ze kosten je niets om te controleren en bepalen hoe snel je tot stilstand komt.

  • Spanning Controleer de spanning regelmatig bij de pomp, bij koude banden. De juiste waarden staan op een sticker in het tankklepje of de deurstijl, en in het instructieboekje. Ga je zwaar beladen op vakantie, gebruik dan de waarden voor volle belading.
  • Profiel Wettelijk moet het profiel minstens 1,6 millimeter diep zijn. De ANWB adviseert om al bij 3 millimeter te vervangen, want bij een plotselinge hoosbui heb je die extra millimeters nodig.
  • Ongelijke slijtage Slijt een band aan één kant meer dan aan de andere, laat dan de uitlijning nakijken. Scheurtjes, bobbels of een band die steeds leegloopt: naar de garage.
  • Hitte en belading Warm weer plus een volgeladen auto is de belangrijkste oorzaak van een klapband. Check spanning en profiel dus juist voor een lange rit.

Kleine en grote beurt

Onderhoud laat je doen bij de garage. Er zijn twee soorten beurten, en het verschil zit in hoeveel er wordt vervangen en gecontroleerd.

De kleine beurt

De monteur ververst de olie, vervangt het filter en loopt volgens de BOVAG 45 essentiële punten na, van de carrosserie en de remmen tot de schokdempers en de uitlaat. De BOVAG noemt als voorbeeld een beurt na 20.000 kilometer of 1 jaar, wat het eerst komt.

De grote beurt

Dat is de kleine beurt plus extra werk, bijvoorbeeld aan het koelsysteem en de wielophanging, waarbij meer vloeistoffen en filters worden vervangen. Wat er precies bij hoort, verschilt per merk, model en type.

Wanneer moet het?

Veel moderne auto's hebben een flexibel interval en geven zelf aan wanneer onderhoud nodig is. Staat dat niet in je auto, kijk dan in het instructieboekje of vraag het de garage.

Een APK is geen onderhoudsbeurt. De keuring zegt of je auto veilig genoeg is voor de weg; hij vervangt geen olie en geen filters. Wanneer jouw auto APK moet, lees je bij de RDW.

Bewaar de rekeningen en het onderhoudsboekje. Een auto met een bijgehouden onderhoudshistorie verkoopt makkelijker en zegt de volgende eigenaar wat er is gedaan.

Wat je zelf kunt checken

Doe dit rondje eens per maand, en zeker voor een lange rit. Je bent er vijf minuten mee bezig.

  • Koelvloeistof Het niveau in het reservoir moet tussen minimum en maximum staan. Open de dop nooit bij een warme motor: het systeem staat onder druk en de vloeistof is kokend heet.
  • Ruitensproeiervloeistof Vul bij met sproeiervloeistof, in de winter een met antivries. Water alleen bevriest en laat strepen achter.
  • Verlichting Loop met iemand een rondje: koplampen, dimlicht, groot licht, remlichten, richtingaanwijzers, achteruitrijlicht en mistlicht. Een kapot lampje is een reden om af te keuren bij de APK.
  • Ruitenwissers Trekken ze strepen of maken ze lawaai, dan zijn de rubbers versleten. Nieuwe bladen zijn goedkoop en je zicht is het belangrijkste dat je hebt.
  • Remmen Hoor je een piep of gekras bij het remmen, of voelt het pedaal sponzig, ga dan naar de garage. Wachten maakt het alleen duurder.
  • Lampjes op je dashboard Rood betekent stoppen, oranje betekent laten nakijken. Wat elk lampje betekent, lees je in Waarschuwingslampjes op je dashboard.

Bronnen: ANWB: controleer zelf deze punten, BOVAG: kleine beurt, RDW: wanneer en hoe vaak APK keuren

Rijbewijshulp is algemene uitleg. Voor je eigen situatie zijn het CBR, de RDW en andere instanties leidend. Lees ook de disclaimer.